‘Mag ik dan helemaal niet ‘uit’ deze zomer?’ kopte ik een paar jaar geleden in een blog over offline tijd in de zomervakantie. En vorig jaar augustus schreef ik over heerlijke schermvrije dagen tussen de hertjes in de Soesterduinen. Spoiler alert: een vakantie zonder schermtijd lukte me daar dus niet. Hoe het me dit jaar verging, ga ik je nu vertellen.
Offline zijn vind ik dus moeilijk
Een tijdje volledig uitgelogd zijn van alles en iedereen blijkt in de praktijk toch lastig. De overtuiging dat ik altijd bereikbaar moet zijn zit diep. Terwijl niemand dat van me verwacht. Ik leg het mezelf op. Dus check ik op mijn vakantiebestemming de LinkedIn-pagina’s die ik voor mijn opdrachtgevers beheer en scroll ik langs een eindeloze Instagramfeed (hallo brainrot!).
Dat ging ik deze zomervakantie anders doen
Ja, echt! Ik had er op LinkedIn zelfs nog een post aan gewijd (alleen daar, een persoonlijke Insta heb ik niet meer). De vakantiebestemming was een boerengehucht in Frankrijk, zonder WI-FI. Daar kwam ik pas achter toen ik het huisje al geboekt had. Ik kan je alvast verklappen: een internetloos vakantieadres helpt zeker mee om je schermtijd te beperken.
De jaarlijkse tweestrijd: afwezigheidsregel aan of niet?
Los van het online zijn is er nog een vraagstuk dat iedere vakantie opduikt: zet ik mijn out-of-office aan of laat ik ‘m uit? Meestal kies ik voor het laatste. Dus check ik elke dag mijn inbox, waar ik ook vertoef. En ondanks dat ik mijn samenwerkingspartners keurig heb laten weten dat ik met vakantie ben. Alsof je als freelancer niet vrij mag zijn. Je reinste onzin natuurlijk.
Altijd bereikbaar zijn: waarom eigenlijk?
Het idee dat ik 365 dagen per jaar beschikbaar moet zijn, is bij mij aardig vastgeroest. Geen hond die dat van me vraagt. Ook is er geen opdrachtgever die me mijn vrije dagen niet gunt. Die beperkende gedachte kon ik deze zomer eindelijk loslaten: vlak voor vertrek stelde ik voor het eerst in jaren een afwezigheidsregel in. Dat voelde goed!
Er waren nog meer gewoontes om te doorbreken
Want er was nog een kwestie: gaat de werkmobiel mee in de koffer? Die telefoon aanschaffen was achteraf een slimme zet. Mijn prikkelgevoelige hoofd vaart wel bij een duidelijke scheiding tussen werk en privé. Op die tweede mobiel app ik met samenwerkingspartners en collega’s en beheer ik de socials van mijn opdrachtgevers. En laten die online platforms nou de grootste schermtijdrovers zijn. Deze zomer had ik daar totaal geen zin in.
1-0 voor real life time
Omdat mijn brein ook rust verdiende, bleef de werkmobiel dus op mijn bureau. Dat voelde als een persoonlijke overwinning. Maar dat was nog niet genoeg. Om echt even helemaal ‘uit’ te gaan, was nog een actie nodig. Ik verwijderde de mapjes ‘socials’ en ‘sjops’ van mijn mobiel. Twee weken zonder scrollen. Zou het me lukken?
Het antwoord is: ja!
Het verbaasde me hoe weinig moeite het me kostte. Ik genoot van het ontbreken van enige vorm van FOMO. Twee heerlijke weken zonder schermdruk. Herinneringen maken in de echte wereld. Avonturen beleven zonder filters. Geen gevoel dat elk moment fotowaardig moet zijn. Wat een verademing! Volgend jaar zomer zet ik die afwezigheidsregel weer aan. En mezelf en m’n mobiel een beetje uit 😉.